De jongen die niet alleen durfde te zijn

 

Het is een bekend gegeven dat iedereen bang is om te verliezen. Dat is inherent aan de mens; het hoort bij het leven, waardoor het ook niet vreemd is om die angst te voelen. Maar verlatingsangst is iets heel anders. Dat weet ik, omdat ik er in mijn kinderjaren veel last van heb gehad.

De oorzaak? De scheiding van mijn ouders — dat staat voor mij als een paal boven water. Mijn biologische vader was dan wel een klootzak die, onder invloed van alcohol, geweld gebruikte tegen mijn moeder, waardoor een scheiding onvermijdelijk werd. Maar vreemd genoeg was hij voor mij, op dat moment, óók een soort rolmodel. Een leidraad waar ik me als kind aan vastklampte.

Toen de scheiding definitief werd, viel die leidraad weg. En daarmee ontstond de angst dat ook mijn moeder uit mijn leven zou verdwijnen. Dat beklemmende gevoel zorgde ervoor dat ik steeds vaker controleerde of ze er nog wel was. Toen mijn moeder een nieuwe vriend kreeg — mijn latere stiefvader, die een echte vader voor me werd — brak er voor ons een nieuw tijdperk aan. Ze trouwden, kregen een huis toegewezen, en langzaam kwam er rust. Maar mijn angst bleef.

Bezoek aan huis maakte me onrustig. Mijn moeder bracht me naar bed, zette het nachtlampje aan en liet de deur openstaan zodat ik de stemmen beneden kon horen. Maar dat stelde me niet gerust. Ik riep haar naam regelmatig, en zij reageerde altijd. Jarenlang. Het punt kwam dat mijn moeder en stiefvader bijna niet meer bij anderen op bezoek durfden te gaan.

Daarom besloten ze dat ik, als ze eens een avond weg wilden, bij mijn opa en oma van moederskant mocht blijven slapen. En dat werd een kantelpunt. Niet alleen omdat zij me met open armen ontvingen, maar ook omdat hun huis voelde als een veilige haven. Mijn oma die me een extra boterham gaf “voor het slapen”, mijn opa die zei dat hij “de wacht wel hield” — kleine gebaren die voor een kind van onschatbare waarde zijn. Daar, in dat warme nest, begon mijn angst langzaam los te laten. Het gaf hen lucht, en mij ook. En zo zette ik, stap voor stap, mijn verlatingsangst aan de kant, tot het op een dag niet meer terugkwam.

Daar was ik uiteraard blij mee. Toch bleef het nog jaren in mijn herinneringen hangen. Ik dacht er regelmatig aan terug, maar dan met de geruststellende gedachte: het was eens, en het komt niet meer terug.

Die gedachte heb ik nu, als oudere man, nog steeds. Ik voel dat ik in mijn kinderjaren een enorme hindernis heb genomen waarvan ik dacht dat die onneembaar was. Ik heb me er uiteindelijk met succes overheen gezet. Maar ik weet ook dat dat niet voor iedereen is weggelegd.

Mijn gedachten gaan dan ook uit naar hen die er nog dagelijks mee worstelen. Want verlatingsangst is niet alleen een beklemmend gevoel; het kan de latere betekenis van een leven bepalen, soms helaas met zeer nare gevolgen waar ik liever niet aan denk.

© John Kukken, 2026, alle rechten voorbehouden.



Reacties

Populaire posts van deze blog

Loslaten is ook liefde

Het briefje dat me stil kreeg

Rust in een tijd van onrust