Het einde dat telkens wordt aangekondigd
De uitspraak die Donald Trump deed over het naderende einde van de oorlog heeft wereldwijd een stevige reactie op de markten veroorzaakt. Maar wat is zo’n uitspraak nog waard als hij enkele weken geleden vrijwel hetzelfde beweerde?
Toen ik hem hoorde, trok ik mijn wenkbrauwen op. Dat gebeurt wel vaker wanneer ik iets hoor waar ik weinig geloof aan hecht. Trump sprak over het naderende einde van de oorlog die hij samen met Benjamin Netanyahu tegen Iran begon — met alle wereldwijde gevolgen van dien.
Ook destijds reageerden de markten direct: de olie- en gasprijzen daalden. Maar van een einde aan de oorlog kwam niets terecht. Integendeel, de spanningen namen toe en de prijzen schoten weer omhoog. Wat mij betreft tast dat zijn geloofwaardigheid alleen maar verder aan.
Al moet ik eerlijk zeggen dat die geloofwaardigheid in mijn ogen sowieso al flinterdun was. Ook deze keer neem ik zijn woorden dan ook met een flinke korrel zout. Voor mij voelt het als een propagandastunt: een poging om zichzelf in een beter daglicht te zetten, terwijl er — figuurlijk gesproken — bloed aan zijn handen kleeft.
Dat beeld wordt versterkt door het idee dat hij zich heeft laten meeslepen door Netanyahu, én door het feit dat hij koste wat kost probeert te voorkomen dat de Epstein-documenten hem blijven achtervolgen. Daar lijkt hij echter niet aan te ontkomen, aangezien zijn naam er meerdere keren in voorkomt.
Zijn positie oogt dan ook steeds kwetsbaarder. In november vinden in de Verenigde Staten de United States midterm elections plaats. Mochten de Republikeinen hun meerderheid in het Huis van Afgevaardigden en de Senaat verliezen, dan ligt een afzettingsprocedure door de Democraten voor de hand. Dat zou Trump alleen maar verder in het nauw drijven.
Zijn recente uitspraak over het naderende einde van de oorlog — die ik nog altijd als pure propaganda zie — zal de publieke opinie waarschijnlijk niet wezenlijk veranderen. Volgens recente cijfers is 80 procent van de Amerikanen tegen de oorlog met Iran. Dat is bepaald geen marginaal percentage.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat bekende Amerikanen als Bruce Springsteen, Robert De Niro en Jamie Lee Curtis zich steeds nadrukkelijker laten horen. Of hun invloed doorslaggevend zal zijn, valt te bezien — maar het onderliggende sentiment is duidelijk.
Daarom hoop ik dat de Amerikaanse kiezer in november een duidelijk signaal afgeeft en de weg vrijmaakt voor een afzettingsprocedure. Want zoals het nu gaat, kan het simpelweg niet langer.
De maat is vol.
© John Kukken, 2026, alle rechten voorbehouden.
Reacties
Een reactie posten