Autoloze zondag: bevrijding die we snel vergaten
46 jaar geleden werd de wereld geconfronteerd met een ongekende oliecrisis. De olie werd niet langer geleverd door de OPEC-landen, waardoor de toenmalige regering zich genoodzaakt zag de autoloze zondag in te voeren. Dat hakte er behoorlijk in, want de auto was toen al onze heilige koe. Maar wat hebben we ervan geleerd?
Ik herinner me die periode nog goed. Ik was een 15-jarige jongen die nog maar net aan het leven begon, maar wel degelijk besefte wat er in de wereld gebeurde. De OPEC-landen hadden de oliekraan dichtgedraaid, waardoor olie niet meer werd geëxporteerd.
Dat zorgde wereldwijd voor tekorten. De Nederlandse regering besloot daarom de autoloze zondag in te voeren. Dat leverde indrukwekkende taferelen op: mensen die over de snelweg fietsten, mensen die op bruggen stonden om een compleet lege snelweg te bewonderen, en kinderen die speelden op straten die normaal gesproken vol auto’s stonden.
Het was tegelijk bevreemdend en bevrijdend, een merkwaardige mix van gevoelens. Het was duidelijk dat er moest worden bezuinigd op het oliegebruik, waardoor het verkeer op zondag enkele weken lang grotendeels stil kwam te liggen.
Mocht er dan helemaal niemand meer rijden op zondag? Nee, er waren uitzonderingen. Mensen met een vergunning, zoals politiemensen, artsen en andere hulpverleners, mochten wel de weg op. Zij moesten immers hun werk kunnen doen. De rest van de bevolking diende zich netjes aan de regels te houden. Maar gebeurde dat ook?
Ja, dat gebeurde. Vrijwel iedereen was zich bewust van de ernst van de situatie. Bovendien bracht de autoloze zondag ook voordelen met zich mee: de luchtvervuiling nam af, het aantal verkeersongelukken daalde en mensen bewogen meer doordat ze vaker de fiets pakten.
Alleen al daarom was 1973 een opmerkelijk jaar. Sommigen zeggen dat we ervan hebben geleerd. Maar is dat ook zo? Ik heb mijn twijfels. Nog geen jaar later stonden de snelwegen weer vol, nam het brandstofverbruik sterk toe en steeg het aantal verkeersongelukken opnieuw. Oude gewoontes keerden razendsnel terug.
Nu, 46 jaar later, kijk ik terug op de autoloze zondag en zie ik dat de wegen voller zijn dan ooit. Voor mij is het duidelijk: we hebben er in feite weinig van geleerd.
We leven inmiddels in een 24-uurs economie die veel energie verbruikt, en het liefst staan er twee auto’s voor de deur. Toegegeven, er zijn tegenwoordig elektrische auto’s, maar die vormen nog altijd een druppel op een gloeiende plaat. Daarom verlang ik terug naar de autoloze zondag—niet alleen uit nostalgie, maar ook om praktische redenen. Olie raakt immers ooit op, en alternatieven zoals elektrische of waterstofauto’s zijn nog lang niet voor iedereen de norm.
Waterstof zie ik als een veelbelovende energiebron voor de toekomst, maar het zal nog geruime tijd duren voordat die op grote schaal wordt toegepast. Voorlopig staat die ontwikkeling nog in de kinderschoenen. Dat is jammer, maar wel de realiteit.
© John Kukken, 2026, alle rechten voorbehouden.
Reacties
Een reactie posten