Sneeuw, evenwicht en een nieuw begin

 

Ik las gisteren in het AD dat we de nodige gure buien en hagel over ons heen zouden krijgen. In Twente heeft het inderdaad geregend, en flink ook. Maar in de middag liet de zon zich even zien, waardoor ik voor een moment het lentegevoel in me voelde opkomen. Dat was voor mij reden om Jacky extra uit te laten. Het moet ook voor haar een verademing zijn geweest dat de zon weer zichtbaar was.

We liepen onze vaste route: Het Achtervoort, de Voortsweg, de Rijnstraat en weer terug. Het lijkt een korte ronde, maar je bent er al gauw een hele tijd mee zoet. Jacky had er duidelijk zin in. Vooral in het begin wist ze niet waar ze het moest zoeken. Ik liet haar op een rustige manier uitrazen. Ze genoot, net als ik, van de frisse buitenlucht, maakte rare sprongetjes en liep daarna tevreden naast me verder.

Onderweg kwamen we weer de nodige bekenden tegen, die ook even de tijd hadden genomen om van de frisse lucht te genieten. Een van hen vertelde dat zij had gelezen dat er donderdag in het midden en zuiden van ons land sneeuw wordt verwacht, mogelijk zelfs een dik pak.

Ik zei het niet hardop, maar ik dacht dat het ook wel eens tijd werd. De mensen in het noorden, noordoosten en oosten van ons land hebben inmiddels genoeg sneeuw, ijzel en kou te verduren gehad. Het woord gerechtigheid kwam zelfs even in me op.

Waarom dat woord? Dat zal ik uitleggen. Wij hebben hier tegen de klippen op moeten stoken om het in huis behaaglijk te houden. Een fors gasverbruik dus, terwijl men in het zuiden relatief weinig heeft hoeven verbruiken. In mijn gedachten mocht dat best eens een beetje gelijk worden getrokken.

Of die sneeuw er donderdag daadwerkelijk komt, weet ik natuurlijk niet. Maar om de boel in een soort evenwicht te brengen, lijkt het me geen onwenselijke ontwikkeling.

Een andere bekende keek met een min of meer vrolijke blik voor zich uit. Hij vertelde dat hij volgende week met pensioen gaat en daar naar uitkijkt. Toen vroeg hij hoe mijn pensionering mij bevalt. Ik liet hem weten dat ik er elke dag van geniet. Geen werkdruk meer, geen stress, veel vrije tijd en genoeg hobby’s en vrijwilligerswerk om mijn dagen zinvol te vullen.

Toen ik dat zei, verscheen er toch een lichte bezorgde blik in zijn ogen.

„Ik zie er wel een beetje tegenop dat mijn echtgenote en ik dan de hele dag bij elkaar zijn. Dat we als het ware voortdurend op elkaars lip zitten. Hoe gaan Annemarie en jij daarmee om?”

Mijn antwoord was helder.

„Annemarie en ik doen allebei vrijwilligerswerk. Zij helpt mee bij een crèche en ik bezoek mensen in een ouderenverzorgingshuis die zich eenzaam voelen. Dat doen we een aantal dagen per week. Daardoor zijn er ook dagen dat we elkaar niet de hele dag zien. Dat werkt goed voor ons en geeft voldoening.”

Toen ik het woord ouderenverzorgingshuis noemde, spitste hij zijn oren.

„Hoe kan ik kenbaar maken dat ik daar vrijwilligerswerk wil doen?”, vroeg hij nieuwsgierig.

„Heel eenvoudig,” zei ik. „Je belt ze gewoon op. Je vraagt of er mogelijkheden zijn voor vrijwilligerswerk — en geloof me, die zijn er altijd. Vervolgens geef je aan wat je graag zou willen doen. Dan word je meestal in contact gebracht met een teamleider, die vraagt of je een VOG kunt overleggen. Heb je die al, dan neem je die mee naar een persoonlijk gesprek. Heb je die niet, dan vraag je er een aan bij de gemeente. Dat kost een paar centen, maar geloof me: het is het waard.”

Nadat ik hem het een en ander had uitgelegd, liet hij weten dat hij al over een VOG beschikt en contact zou opnemen met het ouderenverzorgingshuis. Met een tevreden gevoel nam ik afscheid.

Jacky had ons gesprek ogenschijnlijk gelaten aangehoord. Maar op de terugweg merkte ik dat haar tempo iets hoger lag. Daarmee liet ze me weten dat ze — net als ik — graag naar huis wilde. Ik schroefde mijn pas ook maar wat op.

© John Kukken, 2026, alle rechten voorbehouden.




Reacties

Populaire posts van deze blog

Loslaten is ook liefde

Het briefje dat me stil kreeg

AI mag veel, maar geen presentator spelen