Matchpoint of het gekreun dat tennis verziekt

 

Ik kijk met enige regelmaat naar tennis, al is dat in de afgelopen jaren wel minder geworden. Dat heeft niets te maken met het feit dat het steeds duurder wordt om ernaar te kijken, maar alles met het toenemende gekreun van de spelers. En dan bedoel ik niet zo’n klein beetje ook.

Vroeger sloeg ik geen enkel toernooi over. Wimbledon, de Australian Open en de US Open waren — en zijn — mijn favoriete tennistoernooien. Er hangt een bepaalde sfeer om deze toernooien heen die ik moeilijk kan weerstaan. Maar die sfeer kan niet verhullen dat mijn aandacht voor de sport is afgenomen. En nee, dat ligt niet aan de abonnementskosten. Waar het dan wél aan ligt? Aan het gekreun dat tegenwoordig standaard bij een rally lijkt te horen.

Het gekreun klinkt inmiddels zo luid en aanhoudend dat ik soms het gevoel krijg dat ik niet naar een tennismatch zit te kijken, maar per ongeluk ben beland bij een bepaald genre films voor volwassenen.

Het begon allemaal eind jaren tachtig. Steffi Graf en André Agassi waren de eersten die zich eraan waagden, waardoor ik aanvankelijk dacht dat het er gewoon bij hoorde. Ze gooiden immers al hun kracht in het spel, dus vooruit maar.

Maar na verloop van tijd begon het me steeds meer te irriteren. Zeker toen ook Martina Navratilova — toch niet de minste — zich bij het koor aansloot. Dat deed me terugverlangen naar de tijden van Billie Jean King, Rod Laver, Björn Borg en Arthur Ashe. Van hen hoorde je geen gekreun; bij hen zag je strijdlust. Natuurlijk trokken ze weleens een geërgerd gezicht of wierpen ze een boze blik richting de umpire, maar daar bleef het ook bij. Ze waren geen John McEnroe, die er een kunst van maakte om tijdens een wedstrijd volledig te ontploffen.

Recent werd Aryna Sabalenka woest na het verlies van een punt wegens hinderlijk gekreun. Ze zei dat de umpire haar kwaad maakte. Opmerkelijk, want ze kreunde het hele stadion zo ongeveer aan gort. Dat de umpire daar op een gegeven moment genoeg van had en haar daar fijntjes op wees, leek haar juist extra te irriteren.

Kortom: wat mij betreft komt er een verbod op gekreun. Het ontsiert de sport. Een diepe zucht na een gemist punt vind ik prima. Een verongelijkt gezicht na een beslissing van de umpire ook. Zelfs een ingehouden vloek na een verloren wedstrijd kan ik nog billijken. Maar dat aanhoudende gekreun? Nee. Daar zijn andere films voor bedoeld.

Copyright © John Kukken, 2026. Alle rechten voorbehouden.




Reacties

Populaire posts van deze blog

Loslaten is ook liefde

Het briefje dat me stil kreeg

AI mag veel, maar geen presentator spelen