Goed werk heeft geen bewijsdrang nodig
Er zijn mensen die een sterke bewijsdrang in zich voelen. Een drang die hen voortdurend aanspoort om te laten zien wat ze kunnen, met het risico dat de druk hen op den duur te veel wordt. Er bestaan methodes om daarmee om te gaan, maar uiteindelijk kun je er zelf ook veel aan doen.
In mijn werkzame leven heb ik ook wel iets van bewijsdrang gevoeld, maar ik droeg die niet constant met me mee. In de weekenden ging ik uit, maakte ik plezier en kwam ik los van het werk, waardoor ik iedere nieuwe werkweek met frisse moed begon.
Ik bleef daardoor ontspannen en bleef altijd de zonnige kant van het leven zien. Dat was niet altijd even makkelijk, want ook ik liep weleens tegen een flinke kink in de kabel aan. Die liet ik dan over me heenkomen. Voor mij was het niet meer dan een hindernis die genomen moest worden.
De bewijsdrang is tegenwoordig echter zó groot dat mensen er serieus door in de problemen kunnen komen. Ze moeten presteren, zichzelf verbeteren en zich blijven ontwikkelen om het tempo van het bedrijfsleven bij te houden. Het is dan ook geen wonder dat steeds meer mensen met een stevige burn-out te maken krijgen.
Aan die manier van werken heb ik nooit meegedaan. Ik werkte hard, maar wel op mijn eigen tempo. Dat beviel sommige werkgevers niet. Ironisch genoeg stonden juist zij vaak zelf al op de rand van het ravijn dat richting een burn-out leidde, en probeerden ze mij daar ook nog even in mee te trekken.
Er zijn mensen die zeggen dat hard werken niet erg is, en dat het soms zelfs noodzakelijk is. Maar ik ben ervan overtuigd dat mensen die zichzelf voortdurend opjagen de voldoening waar ze naar streven uiteindelijk niet zullen vinden. Ze lopen vroeg of laat aan zichzelf voorbij, en dat moet ten allen tijde worden voorkomen. Dat kan, niet alleen door professionele begeleiding, maar ook door een gezonde werkethiek en rust in de woonkamer.
Met andere woorden: ik heb me nooit druk gemaakt over bewijsdrang. Door op een rustige manier goed werk af te leveren, bewees ik vanzelf dat ik mijn werk aankon. Nu ik gepensioneerd ben, geniet ik daar nog steeds van. Voor mij is het daarmee eens te meer duidelijk dat mijn werkethiek altijd goed is geweest, ook al zagen sommige werkgevers dat destijds anders.
Copyright, John Kukken, 2026. Alle rechten voorbehouden.
Reacties
Een reactie posten