Barmhartigheid Is Geen Misdaad

 

Sinds enige tijd is het in Nederland strafbaar dat mensen illegaal in ons land verblijven. Hierdoor is het zo dat hulpverleners die de illegalen bijvoorbeeld een kop soep geven zich strafbaar maken aan hulpverlening aan illegalen. Daar krijg ik een heel naar gevoel van in mijn maag, want de hulpverleners doen het uit pure menselijkheid, barmhartigheid, naastenliefde, niet vanwege zieltjeswinnerij.

Sinds mijn vriendin en ik in Enschede wonen hebben we een redelijk grote vrienden en kennissenkring opgebouwd. Een aantal van hen zijn Heilssoldaat waardoor ze geregeld op pad gaan om een kop soep uit te delen aan mensen die in Enschede helaas op de straat leven. Het is hen wel duidelijk dat daar ook mensen tussen kunnen zitten die illegaal in ons land verblijven, maar dat maakt voor de Heilssoldaten niets uit, daar de illegalen ook mensen zijn die naar een beetje warmte en barmhartigheid verlangen.

Een flink aantal jaren geleden leefde ik zelf op de straat waardoor ik maar al te goed weet wat dat met je doet. Ik sliep in portieken, bracht de dag door in een groot park, probeerde hier en daar een beetje eten en drinken te krijgen, om daarna weer een portiek op te zoeken om daar de nacht door te brengen. Op een gegeven moment zag een vrouw mij ‘s morgens uit een portiek komen. Ik zag er totaal onverzorgd uit, droeg een baard die me niet stond, en mijn kleren waren duidelijk aan een stevige wasbeurt toe.

Ze ging tegenover mij staan, sprak met mij, waarbij ze me een visitekaartje in de hand gaf. Hieruit bleek dat Herma een Heilssoldaat was die mij er op haar vriendelijke manier erop wees dat ik naar het hoofdgebouw van het Leger des Heils in Enschede aan de Molenstraat kon gaan om daar in ieder geval een dak boven mijn hoofd te krijgen. Het was een raad die ik mij zeer ter harte nam daar ik ook wel wist dat het leven op de straat niet voor mij bestemd was.

Ik ging naar het hoofdgebouw van het Leger des Heils waar ik hartelijk ontvangen werd door een andere Heilssoldaat die mij een kopje koffie met een koekje erbij aanbood. De koffie smaakte nergens naar, maar het koekje was op dat moment een ware feestmaaltijd voor mij.

Uit het gesprek dat ik met hem voerde bleek dat ik niet direct opgenomen kon worden, maar dat er wel een plek voor mij was in de noodopvang, waardoor ik tóch, zij het op tijdelijke basis, een dak boven mijn hoofd had. Dat betekende dat ik overdag de straat weer op moest, maar dat ik ‘s avonds weer gebruik kon maken van de noodopvang.

Nadat het Leger des Heils het een en ander met de gemeente Enschede voor mij geregeld had kreeg ik te horen dat ik door het Leger des Heils opgenomen werd, waardoor ik langzaam maar zeker, onder begeleiding van het Leger des Heils, aan mijn toekomst kon gaan werken.

Dat ging niet altijd zonder slag of stoot, er waren flinke hobbels op de weg die gladgestreken moesten worden, maar nadat die eenmaal glad waren gestreken ging het steeds beter met mij, en begon ik me meer te interesseren voor het goede werk dat door de Heilssoldaten werd verricht.

Na een aantal jaren in het hoofdgebouw van het Leger des Heils te hebben gewoond kreeg ik een huis toegewezen, waardoor ik de kans kreeg om weer op eigen benen te staan. Ook dat ging niet altijd zonder slag of stoot, maar Herma bleef mijn steun en toeverlaat die mij hielp waar ze maar kon.

En nu, hoe gaat het nu met mij? Redelijk goed. Ik heb een prachtig huis aan het Achtervoort in Enschede die ik met mijn vriendin bewoon, ik heb een lieve hond die zo trouw als maar kan is, én ik heb mijn leven weet terug.

Hoe anders is dat voor de mensen die nu op de straat moeten leven, hoe anders is dat voor de mensen die nu illegaal in ons land verblijven. Ze hebben nergens recht op, ze moeten het doen met dat wat ze in de handen gelegd krijgen door mensen die ze tegenkomen of door Heilssoldaten, en ze moeten er maar op hopen dat ze ooit een betere toekomst zullen krijgen.

Nu is het zo dat een iemand strafbaar is als zij of hij illegaal in ons land verblijft. Dat betekent ook dat de hulpverleners, waaronder Heilssoldaten, die hen helpen strafbaar zijn als ze de illegalen van een eenvoudige kop soep te voorzien. Een kop soep! Dat is naar mijn mening écht te gek voor woorden, strafbaar gesteld worden omdat ze een teken van barmhartigheid laten zien!

Om die reden alleen al zeg ik dat dat nooit de reden mag zijn om strafbaar gesteld te worden, want het geven van barmhartigheid is geen misdaad, het is een teken van naastenliefde en barmhartigheid, maar dat wil er bij bepaalde politici maar niet in, en dat is een regelrechte schande.

Copyright, Joh Kukken, 2025, alle rechten voorbehouden



Reacties

Populaire posts van deze blog

Loslaten is ook liefde

Het briefje dat me stil kreeg

AI mag veel, maar geen presentator spelen