Hoe een 80‑jarige Dame een Oplichter een Lesje Leerde

 

Vanochtend las ik in het AD een artikel waar ik een beetje om moest lachen, want een 80‑jarige vrouw had een oplichter bij de neus genomen op een manier die mijn lachspieren flink aan het werk zette.

Wie beweert dat oudere mensen zoals Annemarie en ik dom zijn en daardoor een makkelijke prooi voor oplichters, moet deze column echt even lezen. Het laat namelijk zien dat ouderen helemaal niet achterlijk zijn, maar juist scherp en alert.

Wat speelde er? Een 80‑jarige vrouw had een bijeenkomst bijgewoond waarin een wijkagent uitlegde hoe oplichters tegenwoordig te werk gaan. Ze luisterde aandachtig, maakte zo nu en dan een notitie en liet de informatie rustig op zich inwerken. Een tijdje later nam ze telefonisch contact op met de wijkagent, waardoor ze de kans kreeg om hem het een en ander te vertellen.

Ze meldde dat ze regelmatig werd gebeld door mannen die vragen stelden over haar bankrekening. Ook vroegen ze naar haar adres. Ze had dat adres aan hen gegeven. Toen de wijkagent dat hoorde, dacht hij: Nee toch… hoe kan dit, ondanks alle waarschuwingen en de voorlichting die ze pas nog heeft gevolgd?

Die voorlichting was door de wijkagent en een toneelvereniging georganiseerd. Tijdens de bijeenkomst voerde de toneelvereniging een toneelstuk op waarin oplichtingssituaties werden nagespeeld, en kregen de bezoekers praktische tips. Dat is naar mijn mening hard nodig, want babbeltrucs zijn nog steeds actueel en oplichters verzinnen voortdurend nieuwe manieren om met ouderen in contact te komen.

Ze scannen socialmediaberichten, maar ook rouwadvertenties om te zien wie onlangs weduwe is geworden, waarna ze contact opnemen met nabestaanden. Ook komt het voor dat ze via e‑mail oplichten, bijvoorbeeld met ‘omgekeerde fraude’: er zou geld worden afgeschreven, maar dat kan worden voorkomen door op een link te klikken. In werkelijkheid krijgen criminelen dan juist toegang tot een rekening.

Steeds vaker doen oplichters zich zelfs voor als wijkagenten. Een wijkagent die ik goed ken, vertelde me onlangs dat hij werd gebeld door iemand die vroeg of híj hem had gebeld. Dat bleek niet zo te zijn, maar de oplichter had zich wel als hem voorgedaan.

Praktijken als deze tasten niet alleen de goede naam van de politie aan, maar maken het politiewerk ook een stuk moeilijker. Mensen worden argwanender, waardoor bijvoorbeeld een buurtonderzoek ingewikkelder verloopt.

En toen kwam de ontknoping. Ineens zei de vrouw: “Weet je welk adres ik gegeven heb?” Met glimmende ogen noemde ze het adres van… het politiebureau!

Hieruit blijkt dat de voorlichting zijn werk uitstekend heeft gedaan. Ik kon een lach niet onderdrukken. Ik zat nog net niet te schuddebuiken, maar het scheelde weinig.

Annemarie hoorde mijn lach natuurlijk en keek me vragend aan. Ik wenkte haar en zei: “Lees dit artikel maar, dan weet je waarom ik lach.” Ze las het, en ook zij kon haar lach niet bedwingen. Nadat haar lach was geluwd, liep ze de keuken in en riep: “Wij oudjes hebben dan wel flink wat jaren op de teller, waardoor sommigen ons als een makkelijke prooi zien. Maar deze 80‑jarige vrouw laat zien dat ouderen nog steeds alert zijn. Ik weet zeker dat meneer de wijkagent daar heel blij mee is. Kopje koffie, lieverd?” Op die uitnodiging ging ik lachend graag in.

© John Kukken, 2026, alle rechten voorbehouden.



Reacties